Kakelende consultants

Het Utopia Simplistica van Xander Koolman en David Ikkersheim. 

“There is nothing quite so useless – and dangerous – as doing with great efficiency something that should not be done at all.”

Bullshit Jobs

In 2013 schreef de antropoloog David Graeber het monumentale essay ‘On the Phenomenon of Bullshit Jobs: a Work Rant.’[1]  Naar aanleiding van dit essay schreef hij het gelijknamige boek ‘Bullshit Jobs’. Graeber definieert een ‘Bullshit Job’ als een baan waarvan iemand zich heimelijk realiseert dat het werk dat hij dagelijks doet niets bijdraagt aan de maatschappij, en in een aantal gevallen zelfs schadelijk is voor de samenleving.

Hij noemt vijf categorieën van Bullshit Jobs: wie in het dagelijkse leven goed om zich heen kijkt, ziet hoe treffend deze indeling is.

De eerste categorie is die van de ‘flunky jobs’, ofwel die van lakeien. Deze mensen hebben als enige opgave andere mensen zich belangrijk te laten voelen, of hen voor de buitenwereld als belangrijk te laten lijken. Het klassieke voorbeeld is de vroegere hofhouding van de adel, want er gold: hoe groter de hofhouding, hoe groter het aanzien van de koning. In onze tijd is de hofhouding van de koning vervangen door die van politici en regering. De nieuwe lakeien zijn het nog immer groter wordende leger van persvoorlichters van politici en regering, die laten zien hoe belangrijk en gewichtig de boodschap is die zij geacht worden over te brengen, en die boodschap wordt des te gewichtiger naarmate er meer mensen nodig zijn om die aan het domme klootjesvolk te slijten.

De tweede categorie zijn de banen die ingenomen worden door de ‘goons’, vrij vertaald de klootzakken: mensen met banen die een agressieve gedragscomponent in zich hebben. Als eerste voorbeeld noemt Graeber militairen, maar ook telemarketeers, bedrijfsjuristen, PR-specialisten en lobbyisten behoren tot deze categorie. Het zijn mensen die aangesteld worden om met verschillende vormen en een verschillende mate van agressie de belangen te verdedigen van hun opdrachtgevers, of in opdracht mensen te overtuigen van de noodzaak van hun producten of overtuigingen.

Hoewel de verdedigers van de rechtsstaat – het leger – en de handhavers van de wet – de politie – op het eerste gezicht nuttig lijken, zo betoogt Graeber, ontlenen ze hun bestaansrecht enkel en alleen aan het feit dat andere landen dezelfde instituties kennen, en niet omdat ze wezenlijk iets bijdragen aan de maatschappij. En de geschiedenis, inclusief de afgelopen twee jaar, hebben geleerd dat bestuurders, politici en overheden deze instituties maar wat graag inzetten als repressiemiddel tegen het onwillige volk als hen daartoe de kans wordt geboden, en als de grote schare van de persoplichters niet meer voldoende gezag inboezemen. Niet om de rechtstaat te verdedigen, maar om mensen het zwijgen op te leggen, wier mening hen onwelgevallig is.[2] [3] [4]

Men kan maar moeilijk ontkennen dat de maatschappij er mooier uit zou zien, en een betere plaats zou zijn om te leven, als morgen alle lobbyisten, telemarketeers, PR-medewerkers en bedrijfsjuristen van het toneel zouden verdwijnen. De bedrijfsjuristen bijvoorbeeld omdat die de ronduit misdadige praktijken van hun clientèle moeten verdedigen. Niet voor niets zijn Big-Pharma en Big-Tech de grootste werkgevers. De agressie en sluwheid waarmee Big-Pharma haar producten opdringt aan artsen en patiënten is van ongekende intensiteit. BigTech veroorlooft zich alle vormen van censuur en gedragsbeïnvloeding die haar door de overheid wordt toegestaan, sterker nog, die zij in samenspraak met de regering coördineert.[5] In essentie betekent deze samenwerking dat er geen grenzen zijn aan hun werkwijze en de burger vogelvrij is voor politieke leiders en BigTech. En dan het immense leger aan lobbyisten en infiltranten die de politiek en overheid proberen te beïnvloeden door plaats nemen in allerlei adviesorganen en te infiltreren in regelgevende instanties, zoals bijvoorbeeld de European Medicine Agency (EMA) en de World Health Organisation (WHO). De maatschappij zou er een stuk beter voorstaan als al deze mensen zouden verdwijnen en iets nuttigs zouden gaan doen.

De derde categorie is die van de ‘duct-tapers’, mensen met de taak problemen op te lossen die er op voorhand al niet hadden mogen zijn. Dit zijn de banen waarbij werknemers uit de lagere echelons de problemen moeten oplossen die ontstaan door incompetente superieuren. Wie zijn oor te luister legt bij werknemers op de werkvloer – ongeacht de bedrijfstak – hoort hoe voor veel werknemers dat het grootste deel van hun werktijd opslokt. En ook hoeveel mensen in de top van het bedrijf doof en blind zijn voor de schade die zij een bedrijf berokkenen, maar daarmee wel zakken met geld verdienen. Om, als ze met hun visie en beleid een bedrijf of instelling grondig naar de gallemiezen hebben geholpen, met de laatste en best gevulde zak geld – de ontslagregeling – welgemoed de deur achter zich dichttrekken, om elders opnieuw aan de slag te gaan. Hetzelfde geldt mutatis mutandis ook voor de politicus, die hiermee één op één vergelijkbaar is. De metafoor is de krijsende meeuw die het gebouw binnenvliegt, alles en iedereen onderschijt en vervolgens via de achterdeur weer naar buiten vliegt. Maar daarbij nog wel even het rijk belegde palingbroodje uit de bedrijfskantine meepikken.

De vierde categorie – mijns inziens de grootste – zijn die van de ‘box-checkers’, de controleurs. Deze plaag begint inmiddels endemische vormen aan te nemen, zoals ik zelf in de afgelopen twintig jaar in de zorg aan den lijve heb mogen ondervinden. Mensen die formulieren produceren waarop ze de meest irrelevante en onbenullige zaken afvinken. Mensen die protocollen, werkafspraken en richtlijnen schrijven die niemand leest, waar niemand zich aan houdt en waar niemand het nut van inziet. De gezondheidszorg zit er vol mee: de fundamentalisten van de afdeling Ziekenhuishygiëne- en Infectiepreventie, die controleren of medewerkers geen oorbellen en ringen dragen, die controleren of artsen de witte jas tot aan het boordenknoopje gesloten hebben en of de mouwen van het T-shirt niet onder de korte mouwen van de witte jas uitsteken. Check. De medewerkers in het ziekenhuis en bij de ziektekostenverzekeraars – in Duitsland – die controleren of ik de controlelijsten op de stroke-unit wel compleet heb ingevuld, ook al leveren de bewuste formuleren geen enkele bijdrage aan de zorg voor patiënten, al was het maar omdat ze standaard aan het eind van de dienst worden ingevuld, en dus geen relatie hebben met de gezondheidstoestand van betreffende patiënt. Check. Ik heb formulieren gezien waarbij patiënt volgens de scorelijst om 22:00 stabiel was, terwijl de desbetreffende patiënt al om 19:00 overleden was, en ik heb formulieren gezien waarop stond dat patiënt cognitief volledig compos mentis was, terwijl het in werkelijk ging om diep demente patiënten waar geen zinnig woord meer uitkwam. In Duitsland is het zelfs zo erg dat men twee keer moet controleren of iemand wel dood is. Double check.

De afgelopen twee jaar heeft een klein legertje aan nieuwe box-checkers opgeleverd: politieagenten in – wederom Duitsland – die er op letten dat er geen twee kinderen op één slee zitten, omdat ze dan geen anderhalve meter afstand kunnen houden. Mensen die in de buitenlucht worden aangesproken en zo nodig bekeurd omdat ze geen mondkapje dragen tijdens het skiën. SARS-CoV-2 verslaat namelijk iedereen op de reuzenslalom en de afdaling. Agenten die, met een stok met een lengte van anderhalve meter, controleren of de bezoekers van een kerstmarkt wel voldoende afstand houden. De werkelijkheid overtreft de meest bizarre nachtmerrie. BOA’s die horeca-instellingen bezoeken om te controleren of de tafels wel op voldoende grote afstand staan, of er wel afzonderlijke looppaden zijn en of de QR-code wel gecontroleerd wordt door de eigenaar. En mensen van het terras afbeuken als ze geen QR-code hebben. Mensen die niets bijdragen – ook niet aan het beperken van de verspreiding van een virus – aan het leefbaarder maken van de maatschappij. Integendeel, zij zijn de oorzaak van het grote leed en de forse schade die onze maatschappij is aangedaan, en niet in het minst schade aan het vertrouwen in de overheid. Maar deze (on)mensen worden hiervoor ruim betaald door de overheid. Graeber laat overtuigend zien dat het vooral deze categorie mensen is die qua aantallen sinds de vijftiger jaren exponentieel is gegroeid. Hoe zinlozer de functie, des te harder glimt het uniform. Hoe absurder de taak, hoe beter het betaalt. Het is deze categorie mensen waarvan ik vermoed dat ze zichzelf nog het minst realiseren dat het werk dat ze doen volstrekt zinloos is, en zelfs schadelijk is, ook gezien de verbetenheid en met enige regelmaat (latente) agressie waarmee ze hun werk uitvoeren. Al moet ik eerlijk zeggen dat de verstandhouding er niet beter wordt als men aan een BOA vraagt of hij zijn uniform wel eens alleen naar het werk stuurt, omdat de inhoud naar mijn bescheiden mening niet zo heel veel toevoegt.

Dan zijn er nog de ’taskmaskers’, de leidinggevenden. Van deze ‘bullshit jobs’ zijn er twee varianten. De eerste variant is de leidinggevende die opdrachten geeft aan ondergeschikten die zij ook op eigen initiatief zouden hebben uitgevoerd, en waarvoor zowel het geven van de opdracht als ook de supervisie overbodig is. Het is het tegengestelde van een ‘flunky job’, namelijk het superviseren van iemand met een taak die helemaal geen opdrachtgever of supervisor nodig heeft. Een tweede vorm bestaat uit het opdragen van een taak waarvan zowel de supervisor als ook de ondergeschikte weten dat die volstrekt zinloos is. Veel ‘box-checkers’ behoren tot het gilde die deze opdrachten krijgen: vaak weten ze zelf heel goed dat wat ze doen volstrekt zinloos is, maar ze gehoorzamen gedwee als ze de bewuste taak toegewezen krijgen. Nog het best geïllustreerd in de afgelopen twee jaar – met als voorbeelden de controle op het anderhalve meter afstand houden, het dragen van mondkapjes en het controleren van de QR-code – met de beruchte zin: “Ik bedenk deze regels ook niet, maar ze worden ons van hogerhand opgelegd.” Vaak moeten deze taken onder dreiging van sancties worden uitgevoerd, precies zoals Ferd Grapperhaus dat met de horecaondernemers deed: als zij niet voornemens waren de zinloze controles – tegen hun zin – uit te voeren, werd hun zaak gesloten. En natuurlijk werden er meer dan genoeg box-checkers aangesteld om de belachelijke regels af te dwingen, in de vorm van BOA’s en politieagenten, en een nog veel verachtelijker categorie; de nieuwe NSB’ers die stiekem meldden als er niet gecontroleerd werd in de horeca. En ik kan me niet aan de indruk onttrekken dat deze categorie niet gespeend is van enige machtswellust en psychopathie. En dan vooral de laatste categorie. Een immer latent aanwezige maatschappelijke ziekteverwekker, die onmiddellijk de kop opsteekt zodra de weerstand van de maatschappij afneemt.

Hoewel Graeber dit niet benoemt, acht ik karakteristiek voor de baan als box-checker, dat wat zij afvinken aan criteria die worden opgelegd, en eisen die aan mensen of organisaties worden gesteld, door de laatsten als kostbaar, belastend en zinloos wordt ervaren. Denk aan de vele accreditaties, evaluaties, visitaties en functiebeoordelingen. Diegene die beoordeeld wordt ziet er maar zelden het nut van in, maar wordt wel gedwongen enorm veel tijd, geld en energie in het in hun ogen zinloze project te steken. In een enquête onder medisch specialisten en ziekenhuisbestuurders werden de vereiste ziekenhuisaccreditaties beschouwd als ‘een frustrerend, duur en tijdrovend bureaucratisch circus’.[6] Alleen de ‘box-checker’ zelf is enthousiast, die accrediteert, evalueert, visiteert en beoordeelt dat het een lieve lust is, waarbij het enthousiasme nog eens extra aangewakkerd wordt door de financiële belangen die er mee gemoeid zijn. ‘Box-checking’ is big-business. Fanatiek kwijten zij zich van hun taak, en ze missen geen enkel detail: zo kreeg een huisartsenpraktijk haar accreditatie niet omdat de vaselinetubetjes over de datum waren. Vaseline waar men in de huisartsenpraktijk maar een ding mee doet, namelijk een rectaal toucher uitvoeren. Omdat het zonder vaseline nóg minder aangenaam is, zoals ook een patiënt van een zenuwachtige coassistent van mij droog opmerkte. En waarvoor vroeger een pakje in margarine in de koelkast lag, waar men de gehandschoende wijsvinger in stak. Zorgvuldig apart gehouden van de roomboter die voor andere doeleinden gebruikt werd. En het zijn deze mensen, met deze blinde volgzaamheid waar het protocollen en richtlijnen betreft, die mij doen twijfelen aan het criterium voor een bullshit job, namelijk dat mensen zich heimelijk realiseren dat wat ze doen zinloos is. Aangezien het in de zorg (code) zwart ziet van deze mensen, heb ik er een groot aantal meegemaakt, en ik heb sterk de indruk dat zij zelf wél in de volle overtuiging zijn dat ze een positieve bijdrage leveren aan hun bedrijf of instantie.

Graeber beschrijft ook de relatie tussen de waarde van het werk dat men doet en het inkomen. Die relatie is omgekeerd evenredig. Hoe nuttelozer en zelfs hoe schadelijker de functie, hoe beter die betaald wordt. Wie naar bestuurders, beleidsmakers en politici kijkt, ziet onmiddellijk de juistheid van deze stelling. Daarom ook is het dat wij artsen best redelijk verdienen. Zelf willen we ons graag zien als fundament van een sociale maatschappij, in de overtuiging dat we alleen maar heel goed en belangrijk werk doen. En ja, een goede dokter geneest een enkele keer, verlicht regelmatig pijn en ongemak, en troost wat af, maar het grootste deel van de tijd wordt toch besteed aan het bestrijden van het door de enorme welvaart en het gebrek aan echte bedreigingen geïnduceerd ‘klein leed’. Leed dat zonder meer genegeerd zou worden als er een echte dreiging zou zijn.

Medische bullshit

Artsen horen bij een sociale en rechtvaardige maatschappij, maar zijn voor het welzijn van mensen veel minder belangrijk dan ze zelf graag willen geloven. Hun werk bestaat voor een groot deel uit het behandelen van het kleine leed dat mensen niet of nauwelijks beperkt, en niet zelden spontaan verdwijnt nog voordat er een dokter aan te pas is gekomen. Waarbij men nog moet oppassen dat de dokter het leed niet veroorzaakt, verergert of verlengt, dat er zonder zijn bemoeienis niet zou zijn geweest of spontaan zou zijn verdwenen.[7] Vooral wat dokters hun patiënten protocollair en gedachteloos aan medicatie voorschrijven veroorzaakt vaak meer kwaad dan goed.[8] En waar een dokter twee geneesmiddelen voorschrijft, schrijven twee dokters er samen al snel vier voor. De standaard is dat er iets bijkomt, en er nooit iets afgaat, hoe duidelijk en ernstig de bijwerkingen ook zijn. Ik heb meer mensen boven de 75 jaar geholpen door medicatie te stoppen dan door hen medicatie voor te schrijven. Het was één van mijn meest frequente uitspraken jegens de jonge dokter: “En weer verlaat een patiënt het ziekenhuis, ondanks de bemoeienis van de dokter.” Die illusie van de jonge dokter dat ze heroïsch elke dag levens gaan redden, kan er maar beter zo snel mogelijk uitgeslagen worden, anders is de desillusie later des te groter.

De meeste mensen met hoofdpijn heb ik ‘genezen’ door ze te vertellen dat ze het koffie-infuus af moeten koppelen. En de RedBull terug in de weide moeten zetten. God mag weten hoeveel 80- en 90-jarigen ik heb verteld dat de prikkelende grote tenen en de wat dove voeten het gevolg zijn van het feit dat niet alleen de botten en de spieren wat aan kwaliteit inleveren op die leeftijd, maar ook de beenzenuwen hun beste tijd wel gehad hebben. En het meest treurige is nog wel dat een aanzienlijk aantal van deze mensen helemaal niet naar een neuroloog verwezen wilde worden, maar gewoon wilden weten of ze er zich zorgen over moesten maken of niet. Maar daar de tijd niet voor kregen van de huisarts, en voordat het consult goed en wel begonnen was, al buiten stonden met een verwijsbrief. En dan uit fatsoen toch maar naar de polikliniek gingen. Of het aantal – ook hele jonge mensen – dat ik gerustgesteld heb door ze te vertellen dat ze niet dement aan het worden zijn, als ze hun autosleutels niet kunnen vinden of hun boodschappenlijstje een keer zijn vergeten. Omdat als dat het geval zou zijn, ik al lang afgevoerd was naar de psychogeriatrische afdeling van het dichtstbijzijnde verpleeghuis (en er stilzwijgend bij dacht dat ik mijn hele arsenaal aan scheldwoorden feilloos weet te reproduceren als ik mijn autosleutels weer eens niet terug kan vinden).

En het aantal mensen met een PHPD-syndroom (Pijntje Hier, Pijntje Daar. Of zoals u wilt: Prikkeltje Hier, Prikkeltje Daar) dat ik op de polikliniek heb gezien, moet in de duizenden lopen: ”Dokter, als ik hiér druk, doet het dáár pijn.” Dus dan hiér maar beter niet drukken, dan doet het dáár geen pijn. En als u dáár drukt, doet het misschien hiér pijn, dan kunt u er makkelijker bij. Want wrijven tegen de pijn helpt, dus als u gewoon dáár wrijft waar het pijn doet komt het goed. En anders moet u er maar het beste van hopen. En hopen dat het niet alsnog weer hiér pijn gaat doen. Of dáár. Kortom, wrijven en drukken. Het komt goed. Zowel hiér alsook dáár. Of niet, natuurlijk.

Vrouwen met prikkelingen en tintelingen in de tenen, soms door collega’s al helemaal binnenstebuiten gekeerd op verdenking van een polyneuropathie (beschadiging van de zenuwen in benen en soms ook in de armen), inclusief uitgebreid laboratoriumonderzoek en een EMG. Klachten die veroorzaakt worden door het lopen op (te) hoge hakken. Waardoor de kleine zenuwtjes die dicht naast de voetkootjes lopen, er de brui aan geven: “Dokter, wat is hiervoor de behandeling?”. “Een zaag, mevrouw, een zaag: om de hakken van uw schoenen te zagen”. Niet iedere vrouw kon erom lachen, want zij moeten een moeilijke keuze maken. De keuze tussen een afdaling van 10cm en dove tenen.

Kortom, mijn bijdragen als arts aan het bevorderen van een goede gezondheid van patiënten en een betere wereld waren zonder uitzondering van onschatbare waarde. Om niet te zeggen: onmisbaar. En om bij Graeber terug te komen, redelijk goedbetaald. U weet nu waarom.

De bullshit van de consultants

Aan deze vijf categorieën van bullshit jobs wil ik een zesde categorie toevoegen. Het zijn bullshit jobs waarvan ieder weldenkend mens ziet dat ze volstrekt overbodig zijn, en regelmatig uitermate schadelijk, maar waarvan diegene die de baan heeft er stellig van overtuigd is dat hij goed en zinvol werk doet: De Consultant.  Hij is het fotonegatief van wat de Stoicijn Epictetus beschreef: “The reward for all the virtues lies in the virtues themselves.” Consultants zijn het levende bewijs van de stelling van Graeber dat er een omgekeerd evenredige relatie is tussen de sociaalmaatschappelijke waarde van het werk dat iemand doet, en de vergoeding die er tegenover staat. De consultant: volstrekt nutteloos, niet zelden schadelijk en zonder uitzondering peperduur. En met enige regelmaat gepaard gaande met een snufje crimineel gedrag.[9] Toiletpapier met een randje van bladgoud.

Hoewel een klein aantal mensen dit al jaren inziet en ook kenbaar maakt, bleef dit voor het grootste deel van het volk lang buiten beeld. De meeste rapporten die consultants schrijven en adviezen die ze geven halen niet eens de pers, laat staan het journaal of de actualiteitenprogramma’s. En gelukkig blijft het merendeel van hun adviezen in het luchtledige hangen, en verdwijnen hun rapporten meestal ergens onder in een lade. Zonder gelezen te worden, laat staan dat ernaar gehandeld wordt.

Helaas veranderde dit bij het begin van de coronacrisis. Tot overmaat van ramp begonnen politici en de top van het bedrijfsleven hun rapporten te lezen, en erger nog, begonnen hun adviezen op te volgen. En mede daardoor werd een ondoordacht en rampzalig beleid uitgerold ter bestrijding van de coronacrisis. Het begin van deze nieuwe tijd werd gemarkeerd doordat Mark Rutte het essay van een consultant las, genaamd ‘The Hammer and the Dance’. De hersenspinsels van een verwarde consultant, zonder zelfs de minste kennis van, of ervaring in de virologie, de immunologie, de epidemiologie of publieke gezondheidszorg. Het door Tomas Pueyo geschreven pamflet inspireerde Rutte tot het instellen van het meest destructieve beleid sinds de Tweede Wereldoorlog.

En daarmee komen we bij onze eigen beide Tomas Pueyo’s: David Ikkersheim en Xander Koolman. Xander Koolman is sectiehoofd van de afdeling gezondheidseconomie van de VU. Tevens is hij partner van Equalis Strategy & Modeling, een gezondheidseconomisch adviesbureau. David Ikkersheim is partner bij de KPMG, afdeling Health. Beiden peperduur, beiden volstrekt overbodig en beiden levensgevaarlijk voor onze maatschappij. Mensen als Koolman en Ikkersheim lijden aan dezelfde illusie, waarvan ik denk dat die zich ook in het hoofd van vele boxcheckers genesteld heeft: ze menen oprecht dat ze een zinvolle bijdrage leveren aan de maatschappij in het algemeen, en het bestrijden van de coronacrisis in het bijzonder, daar waar ieder verstandig mens zonder al te veel moeite ziet dat het tegendeel het geval is.

In de afgelopen twee jaren schreven Koolman en Ikkersheim – alleen of gezamenlijk – drie adviezen over hoe de maatschappij om zou moeten gaan met SARS-CoV-2. Het eerste advies verscheen in juni 2020, met als titel ‘De tweede golf, dat zijn wij’.[10] Het tweede stuk dateert van 21 februari 2021, genaamd: ‘Hoe nu verder in 2021’.[11] Uiteindelijk schrijft David Ikkersheim, samen met Laura Dignum, Senior Consultant bij KPMG Health, nog een laatste rapport genaamd ‘Dit zijn de lessen van 1,5 jaar coronacrisis’.[12] En dat is precies wat ik me ook afvraag, maar dan in een andere context: welke lessen kunnen getrokken worden uit de adviezen die deze twee heren en één dame formuleerden, en hoe verhielden die adviezen zich tot de realiteit. Meer specifiek wil ik onderzoeken in hoeverre hun adviezen gestoeld waren op de wetenschappelijke kennis zoals die op dat moment beschikbaar was.

Ik zal verschillende stellingen van Ikkersheim en Koolman onder het vergrootglas leggen, met als referentie wat we op dat moment wisten van SARS-CoV-2 en COVID19, en wat we wisten over het nut van het bron- en contactonderzoek, het massale ongerichte testen van grote delen van de bevolking, de ingestelde maatregelen zoals lockdowns en mondkapjes, en de modellering. Ik zal mijn kritiek niet elke keer onderbouwen met verwijzingen naar de relevante literatuur, omdat ik dat al veelvuldig heb gedaan in mijn vorige blogs. Wat ik wil doen is terugkijken en beoordelen wat de waarde van de adviezen van Ikkersheim en Koolman waren, in hoeverre zij deze wetenschappelijk solide onderbouwden, en in hoeverre zij correct waren in hun aannames over hoe een pandemie te bestrijden.

Natuurlijk kan men zeggen dat ik ‘de koe in de kont kijk’, maar ik heb al sinds de herfst van 2020 mijn eigen koe hooi gevoerd en gekeken wat er aan de achterkant uitkwam. Die koe staat gezond en wel in de wei, en ik kan haar zonder schaamte in de kont kijken. Want daar zie ik wat ik al anderhalf jaar zie: dat de aanpak van deze crisis gespeend is van iedere vorm van rede en verstand, op geen enkele manier solide wetenschappelijk onderbouwd is, en rampzalige gevolgen heeft voor de maatschappij. En dus hou ik mij het recht voor om ook de koe van Ikkersheim en Koolman eens goed in de kont te kijken, en mij een mening te vormen over wat de koe van de kakelende consultants produceert. Dat is dus wat ik in deze blog doe: mijn eigen koe in de kont kijken en die van Koolman en Ikkersheim. De koe van Ikkersheim en Koolman was peperduur, mijn koe was en is gratis.

Het gekakel van de consultants

En nu we toch over de wetenschappelijke onderbouwing hebben, als ik het eerste stuk van Koolman en Ikkersheim doorneem zie ik 32 voetnoten. Ik noem hier de bronnen die gebruikt werden als basis voor hun eerste advies. Ik begin met de landelijke media: er zijn vier verwijzingen naar de nieuwssite van de NOS, één naar EenVandaag, één naar Nu.nl en één naar het RTL-nieuws. Dan de kranten: er wordt verwezen naar artikelen uit het Financieel Dagblad, Trouw, de Volkskrant, het NRC en het AD, allen één keer. Dan wordt er één keer verwezen naar YouTube. Verder is er een verwijzing naar een interview met Sjaak de Gouwe, directeur van de Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio (GHOR). Eén keer is er een verwijzing naar de site van de Rijksoverheid, één keer naar een Tweede Kamerstuk en één keer naar een advies van het OMT, waarvan er op dat moment al dertien waren. Dan wordt er twee keer verwezen naar het Coronadashboard. Verder wordt er één keer verwezen naar een stuk van De Nederlandsche Bank. Dan de internationale kranten: er zijn verwijzingen naar de New York Times en de Financial Times. Er is – werkelijk ongelofelijk – een voetnoot die naar Twitter verwijst, maar de tweet zelf is niet meer beschikbaar. Eén voetnoot verwijst naar het Internationaal Monetair Fonds (IMF). En warempel, er is een verwijzing naar een stuk van Xander Koolman zelf. Eigen roem stinkt, maar Xander ruikt niks. Corona waarschijnlijk. De link naar referentie 23 werkt niet, maar hier via Google kan ik deze alsnog vinden.[13] Het zal niemand verbazen: het is een modelleerstudie. Koolman en Ikkersheim moeten wel een uitgesproken hekel hebben aan de realiteit.

Zijn er dan, behalve de bovengenoemde modelleerstudie, ook nog voetnoten die verwijzen naar andere wetenschappelijke artikelen? Jawel, om precies te zijn: twee. Eén artikel verwijst naar een artikel op een pre-print server, maar dit artikel is van de server verdwenen. Google doet opnieuw wonderen, het artikel is gepubliceerd in een tijdschrift met de naam International Journal of Environmental Resources and Public Health, een ‘open-acces’ tijdschrift, hetgeen wil zeggen dat de auteurs moeten betalen om een artikel gepubliceerd te krijgen.[14] Dat hoeft niet nadelig te zijn voor de kwaliteit van de studie, maar wel is het goed om deze nauwgezet na te lopen. En om de aard van de studie te kunnen bepalen hoef ik niet verder te lezen dan de abstract: ‘Utilizing a heterogeneous transmission model based on branching process along with a negative binomial offspring distribution’. Transmissiemodel. Het puddingbroodje van de virtuele werkelijkheid, de wondere wereld van de modellen, Koolman en Ikkersheim zijn er dol op.

Dan is er nog een artikel uit de Lancet, een systematische review en meta-analyse van observationele studies over het effect van ‘social distancing’, het gebruik van oogbescherming en het dragen van mondkapjes.[15] Deze review werd in een overzicht van de Cochrane Library – de hoogste graad van wetenschappelijk bewijs – met de grond gelijk gemaakt.[16] De auteurs gebruikten voor hun review alleen observationele studies, die vrijwel allemaal klein en op zijn minst matig van opzet waren. Vreemd genoeg lieten de auteurs de wetenschappelijke gegevens afkomstig uit gecontroleerde en gerandomiseerde studies buiten beschouwing in hun analyse, terwijl deze studies wél beschikbaar waren. En dat terwijl die studies minder gevoelig voor vertekening zijn, en daarom betrouwbaarder, en dus ook een hoger niveau van wetenschappelijk bewijs vertegenwoordigen. Verder was er ook met de methodologie van deze studie het nodige mis. En als klap op de vuurpijl; de systematische review zoals werd uitgevoerd door Thomas Jefferson van de Cochrane Library zelf liet geen effect zien van het dragen van mondkapjes op de verspreiding van influenza of SARS-CoV-2, en benadrukten nog eens dat er een hoge kans op vertekening van de resultaten is.

Niet dat Koolman en Ikkersheim daar een zier om geven. Ze grabbelen en graaien in de wetenschappelijke grabbelton en gooien alles terug wat niet in hun straatje te pas komt, maar halen die éne studie die dat wél doet, hoe stoffig en vies die ook is, er wél uit. Waarschijnlijk doet de Cochrane Library hen denken aan een oud stoffig universiteitsbibliotheekje in een slaperig klein universiteitsstadje in Engeland. En voor zover het nog van belang is, ook hier werden alle wetenschappelijk studies ingehaald door de werkelijkheid. Omikron raast over de wereld, inclusief China, en laat zich natuurlijk niet stoppen door mondkapjes, social distancing of lockdowns. Kijk naar het Oosten, naar China, daar waar vrijwel in iedere situatie en op elke plaats mondkapjes worden gedragen. Het heeft geen enkel verschil gemaakt. En het zal ook geen verschil maken, nu niet, en in de toekomst niet. Dat gebeurt alleen in het virtuele utopia simplistica van Koolman en Ikkersheim, maar niet in de echte wereld.

Samengevat is dit waar het eerste advies van Xander Koolman en David Ikkersheim op gebaseerd is: artikelen uit nationale en internationale kranten, nieuwssites, interviews, Tweede Kamerstukken, OMT-adviezen en het Internationaal Monetair Fonds. En wel drie wetenschappelijke artikelen, waarvan twee modelleringsstudies die die term ‘wetenschappelijk’ eigenlijk niet verdienen. En dan nog een systematische review over het nut van mondkapjes, oogbescherming en ‘social distancing’ die de toets der kritiek niet kan doorstaan, terwijl er meer dan voldoende literatuur beschikbaar was die dat wel kon, maar die niet van pas kwam in het consultantskraampje van Ikkersheim en Koolman. Op het moment van publicatie van dit stuk waren er al tienduizenden artikelen over alle aspecten van SARS-CoV-2 en COVID19 verschenen, maar Koolman en Ikkersheim grabbelden er drie uit de grabbelton. Wel drie. Een ondermaatse systematische review en twee modelleurstudies.  Daarmee waren ze klaar met grabbelen.

Met de andere adviezen is het al even treurig gesteld. Bij het doornemen van het tweede advies zie ik, wanneer het gaat over de vermeende verminderde effectiviteit van vaccinatie tegen de Braziliaanse en de Zuid-Afrikaanse variant, Ikkersheim en Koolman verwijzen naar een artikel in de Volkskrant. U raadt vast wel wie dat artikel geschreven heeft. Jawel, het is onze onvolprezen wetenschapsjournalist himself: Maarten Keulemans. De man kan nog geen kont van een koe onderscheiden van een kop van een schaap, maar ook dat vinden Koolman en Ikkersheim geen probleem. Voor een beschrijving van de immuniteit na het doormaken van de infectie met SARS-CoV-2 verwijst het illustere duo naar een artikel in The Guardian. De eerste verwijzing naar iets dat moet doorgaan voor een wetenschappelijk artikel staat onder voetnoot 53. Het is een studie waarin gepoogd wordt de beste aanpak te modelleren in het geval van multipele uitbraken van verschillende ziekteverwekkers.[17] Wederom de virtuele werkelijkheid in het comfortabele Utopia Fantastica waarin Koolmans en Ikkersheim verblijven. Wat de waarde van die modellen is heeft de realiteit ons in de afgelopen twee jaren meerdere malen laten zien, dat heeft hier geen nadere toelichting meer nodig.

Bij de paragraaf over de effectiviteit van de vaccins verwijst het illustere duo zowaar naar de registratietrials van Moderna en Pfizer/BioNTech zelf, maar als het gaat om het verschil tussen de effectiviteit tegen COVID19 en ernstig verlopend COVID19, is wederom de nieuwssite van de NOS de bron. Dan wordt er onder voetnoot 123 nog verwezen naar opnieuw een modelleerstudie[18]. En daar eindigt de wetenschappelijke onderbouwing van het tweede advies alweer, nog voordat deze goed en wel begonnen is. Voor het overige is het hetzelfde verhaal: krantenartikelen, de websites van verschillende overheidsinstanties en OMT-adviezen, maar alleen voor zover die van pas komen in hun argumentatie. En warempel, Koolmans en Ikkersheim verwijzen ook een aantal keren naar het Imperial College van Neil Ferguson, met afstand ’s werelds internationale pandemiepaniekvogel nummer één, modelleur en producent van de meest groteske en lachwekkende doemscenario’s, niet alleen nu, maar bij herhaling ook in het verleden. De modellering van het Imperial College, waarvan Bob Seely, lid van de ‘Conservative Party’, in het Britse Lagerhuis het volgende zei: “I believe that the use of modelling is pretty much getting to be a national scandal.”[19] Tot slot, van de 170 voetnoten in het tweede advies van Koolman en Ikkersheim verwijzen er vier naar een wetenschappelijk artikel, waarvan twee naar de oorspronkelijke registratietrials van Pfizer/BioNTech en Moderna, en twee naar modelleringsstudies. Follow the science, but take the shortest possible way. Tien klinkertjes, en de weg naar de wetenschap was al weer geëindigd.

Muze

De derde studie toont een mooie jonge vrouw in stralend wit zonlicht, die zich uitrekt en daarbij spiritueel geïnspireerd naar de hemel kijkt, terwijl ze haar armen naar achteren strekt. Ze draagt een zwarte BH, hetgeen goed te zien is onder het doorschijnende hemdje dat ze draagt. De broek is zo mogelijk nog minder verhullend. Wat zij te zoeken heeft op de cover van een advies genaamd ‘Dit zijn de lessen van 1,5 jaar coronacrisis’ is mij niet geheel duidelijk. Ik weet niet welke lessen zij heeft geleerd, of die ze mij moet leren. Wellicht is het de muze van Koolman en Ikkersheim, die hen terug moet leiden naar Utopia Simplistica, mochten zij onverhoopt de weg kwijtraken in de harde realiteit. De cover is dan ook het deel van het advies dat verreweg het meest de moeite waard is om te aanschouwen, want voorbij de eerste bladzijde is het weer armoe troef: er is een verwijzing naar een ‘news item’ uit Nature over het vermeende nut van mondkapjes[20], niet meer dan een opinieartikel, en wederom een verwijzing naar een modelleringsstudie.[21] De volgende wetenschappelijke referentie is een commentaar in de Lancet, waarin wordt betoogd dat een strategie gericht op eliminatie van SARS-CoV-2 in plaats van een strategie gericht op mitigatie, het beste is voor de gezondheid, de economie en de burgerrechten.[22] En ook dit is, hoe kan het ook anders, een modelleerstudie. Lachwekkend is het dat in de 2e alinea te lezen valt: “Although all indicators favour elimination, our analysis does not prove a causal connection between varying pandemic response strategies and the different outcome measures.” Koolman en Ikkersheim lachen er niet om, maar voeren de studie zonder blikken of blozen op als referentie. Dat kunnen ze zich ook veroorloven: waarom zou iemand de referenties van hun advies natrekken, als het stuk zelf al niet eens de moeite van het lezen waard is. Het enige waar de adviezen van Ikkersheim en Koolman geschikt voor zijn is geestelijke zelfkastijding.

Er is geen enkele noodzaak nog verder in te gaan op het door Koolmans en Ikkersheim aangehaalde commentaar, waarin wordt gesteld dat eliminatie een betere strategie is dan mitigatie. Het is onzinnig om te analyseren wat er mis is met deze analyse. De realiteit heeft haar al lang achterhaald. De werkelijkheid is de beste leermeester. Het communistische bewind in Peking, dat in april 2022 opnieuw koppig en tegen beter weten in koos voor lockdowns, met nog steeds als doel de eliminatie van SARS-CoV-2, waarschijnlijk omdat er geen checks and balances zijn in een totalitair systeem, en de adviseurs van Xi Jin Ping bij het falen van de aanpak steeds minder de behoefte zullen voelen om hem daar op te wijzen, aangezien dat hen niet alleen hun positie kan kosten, maar ook hun leven, een fenomeen dat de ‘totalitarian feedback loop’ genoemd wordt. Daarnaast wil Xi Jin Ping waarschijnlijk geen gezichtsverlies leiden, de grootst mogelijke schande voor een Chinese leider, kort voordat het partijcongres hem opnieuw moet kiezen als Grote Leider. En dus greep hij opnieuw naar de lockdown als middel om SARS-CoV-2 onder controle te krijgen, in de greep van de waanzinnige gedachte dat hij en de Chinese Communistische Partij machtiger zijn dan een virus. Een opvatting met desastreuze gevolgen, zoals een tekort aan medicatie en voedsel in Shanghai, het lamleggen van de Chinese gezondheidszorg, een hausse aan suïcides, ongekende economische schade en een dreigende volksopstand.[23] Het lijkt mij een zinvolle catharsis voor de heren Ikkersheim en Koolman, om hun virtuele Utopia Simplistica-wereld te verruilen voor de echte wereld, en een kijkje te nemen in Shanghai. Ik stel voor dat het voltallige RedTeam met hen meereist, om een weekje van de Chinese gastvrijheid te genieten in de quarantainekampen. Want de heren en dames van het C19-RedTeam die de regering wel even van het enige juiste advies zouden dienen, zijn inmiddels muisstil. Ik zie ze niet meer voorbijkomen in de aankondigingen van Nieuwsuur of EenVandaag. Ik zie geen flitsen van talkshows Op1 of Jinek meer waar ze acte de presénce geven. En kranten als het NRC, de Volkskrant en het AD lijken er geen brood meer in te zien om de diepe inzichten van dit illustere gezelschap van de daken te schreeuwen. Ze zijn bang voor de waag van het volk, waarop zij hoogstwaarschijnlijk gewogen en te licht worden bevonden voor de wetenschap, en afgevoerd worden als door de mand gevallen heksen en tovenaars, die niets anders beoefenden dan pseudowetenschappelijke list en bedrog. Gezien de enorme kosten die het gevolg zijn van hun adviezen, lijkt het mij niet meer dan redelijk dat deze naar rato op hen verhaald worden. Niets is gratis in deze wereld. Vrijheid van meningsuiting is een groot goed, maar niet als deze als absolute waarheid wordt verkondigd en aan beleidsmakers en regering wordt opgedrongen.

Dan staat er onder voetnoot 65 nog een verwijzing naar iets dat de suggestie heeft van een wetenschappelijk artikel, maar ook dit is niet meer dan een ingezonden brief over de gevolgde strategie in Zweden, die volgens de auteurs onethisch en onverantwoordelijk is.[24] Geschreven door twee pro-lockdown hardliners, Marian Claeson en Stefan Hanson. Natuurlijk zou ik hier het commentaar van ter zake deskundige en doelbewust gecensureerde[25] experts zoals Martin Kulldorff en Jay Bhattacharya tegenover kunnen zetten, die op basis van wetenschappelijke studies wél goed onderbouwd kunnen vertellen waarom lockdowns niet effectief zijn, nooit effectief zullen zijn en waarom ze nooit toegepast hadden mogen worden.[26] Natuurlijk kan ik het artikel aanhalen van Jeffrey Tucker, waarin hij nog eens haarfijn de argumenten op een rij zet waarom de ‘diehard lockdowners’ het bij het verkeerde eind hadden.[27] Natuurlijk kan ik tegenover het commentaar van Claeson en Hanson  de vernietigende commentaren zetten, waarin wordt gesteld dat het succes van Zweden de enorme kosten laat zien van het ongekend falen van het arrogante establishment, zoals dit bijvoorbeeld in een commentaar in ‘The Telegraph’ werd geventileerd.[28] Natuurlijk kan ik hier op echte data gebaseerde, en zeer goed onderbouwde meta-analyse opvoeren, die laat zien dat er op zijn best een heel klein effect is van lockdowns op de mortaliteit, maar dat die hele kleine winst in geen enkele verhouding staat tot de immense schade die ze veroorzaakt hebben.[29] Dat zou ik allemaal kunnen doen, en dat heb ik ook meerdere malen gedaan in mijn vorige stukken. Maar het is helemaal niet meer nodig om dat nog een keer te doen. Uitgerekend de uitvinder van de lockdown, de meest agressieve marketeer en de meest succesvolle exporteur van deze desastreuze aanpak, de Chinese Communist Party, krijgt nu de peperdure rekening gepresenteerd van haar volstrekt van God en iedereen verlaten waanidee dat lockdowns een effectief middel zijn om SARS-CoV-2 te elimineren.[30] En nu zal het rammelen met potten en pannen niet helpen om SARS-CoV-2 dood uit de lucht te laten vallen van vermoeidheid, zoals men dat deed met de mussen tijdens ‘de Grote Sprong Voorwaarts’. Het is maar de vraag hoeveel mensen er ditmaal het slachtoffer worden van de maniakale monomanie van de nieuwe Mao, genaamd Xi Jin Ping. En hoelang het duurt voordat zelfs het Chinese volk het genoeg vindt, hoe Confuciaans zij qua aard ook mag zijn.

Nassim Nicholas Taleb

Het toont het gelijk van Nassim Joachim Taleb – voordat hij bevangen werd door doodsangst en veranderde van een groot denker in een beklagenswaardige dwaas – die stelt dat centralisatie vroeg of laat tot het einde van de een staat leidt. Onze maatschappij is extreem fragiel, zoals al lange tijd duidelijk was, en zoals de komende maanden en jaren waarschijnlijk pas écht in haar volle omvang duidelijk zal worden. Taleb beargumenteert overtuigend dat in het geval van een ‘black swan’ – een gebeurtenis die men niet had voorzien – schaalvergroting onlosmakelijk verbonden is met de impact van die gebeurtenis. En niet in een lineair verband. Is de schaalvergroting twee keer zo groot, is de impact van een black swan vier keer zo groot. En de schaalvergroting is groot, enorm groot. Het laat zich raden wat de grootte van de impact zal zijn, waarvan nu de contouren al zichtbaar worden.

En hiermee ben ik aan het eind gekomen van de opsomming van de wetenschappelijke studies zoals Ikkersheim en Koolman die opvoeren in hun drie adviezen aan de Nederlandse regering. Koolmans en Ikkersheim laten zien bijzonder weinig van de wetenschappelijke aanpak te begrijpen. Wie wetenschappelijke argumenten aan wil voeren als onderbouwing van een plan van aanpak, begint met de bestudering van de wetenschap zelf, niet met wat overheidsinstanties en OMT ervan maken, en al helemaal niet wat de actualiteitenprogramma’s en kranten ervan zeggen. Laat staan dat men vaart op wat de nationale corona-clown van het jaar, Maarten Keulemans, ervan zegt. Als de wetenschap benen had, zou hij zich zo snel mogelijk uit de voeten maken zodra Keulemans in zicht is. Ikkersheim en Koolman presteren het om op een totaal van 292 voetnoten in drie adviezen slechts tien verwijzingen naar ‘wetenschappelijke literatuur’ te geven, waarvan slechts twee oorspronkelijke wetenschappelijke studies, een slechte systematische review, enkele modelleerstudies en minder dan een handvol commentaren. De wetenschappelijke onderbouwing laat zich tellen op precies tien vingers. Dát is de ‘wetenschap’ waar deze twee zieltogende academische kneusjes hun hoogdravende en pretentieuze adviezen op baseren. De zelfkastijding is begonnen.

Geestelijke zelfkastijding

Maar het waren nog maar de inleidende zelftoegediende geestelijke zweepslagen, het vaststellen van de kwaliteit en kwantiteit van de wetenschappelijke onderbouwing van de drie adviezen van deze Jut en Jul van de KPMG. De echte kastijding moet nog beginnen: de inhoud. Ik weet werkelijk niet waar ik moet beginnen in deze kakafonie van pretentieus gekwetter en gekwaak. Natuurlijk is geen enkele van hun stellingen onderbouwd met wetenschappelijke bewijs, want dat kwam niet uit hun wetenschappelijke grabbelton. Niet dat ze dat hindert om stellige uitspraken te doen. Sterker nog, hoe minder wetenschappelijk bewijs, hoe stelliger hun uitspraken. Ik heb dan ook geen andere keus dan me te beperken tot de meest ridicule en meest lachwekkende stellingen uit hun adviezen, anders wordt dit essay de nieuwe twaalfdelige encyclopedie van de dolle domheid.

Zo staat er in de samenvatting van hun eerste broddelwerkje onder punt 6 het volgende: hoed u, want ik rolde van mijn stoel van het lachen, en ben er slechts met veel moeite, tussen de lachstuipen door, weer opgeklommen. Het zijn de ‘eerste gedachten’ van Xander en David. Punt 6a is nog het minst lachwekkend: het verplicht testen van mensen bij binnenkomst op Schiphol. Dat de testen hiervoor helemaal niet geschikt zijn, heb ik in voorgaande blogs meer dan eens uitvoerig uit de doeken gedaan. Het is niet test-positief = besmet en test niet-positief = niet besmet. En dan laat ik het verschil tussen ‘besmet’ en ‘besmettelijk’ voor het gemak nog even buiten beschouwing.

Nee, dan punt 6b. Het screenen op de lichaamstemperatuur van passagiers. Rechtstreeks geïmporteerd uit het coronagidsland China, en zo ridicuul dat zelfs de meest infantiele wetenschapper zich niet gewaagd heeft aan wetenschappelijk onderzoek naar deze methode. Dat zou je tenminste denken. Maar ik vergis me. Er zijn wel degelijk mensen die zich hiermee beziggehouden hebben. Ik lig alweer naast mijn stoel, en hijs me voor de tweede keer omhoog. Vooruit, ik geef nog een referentie, want er zijn een paar kleine probleempjes met het in het wilde weg meten van de lichaamstemperatuur van reizigers op Schiphol.[31] Allereerst is daar het probleem van mensen die op het moment van de meting (nog) geen symptomen hebben. Dat komt in Utopia Simplistica niet voor, maar in de echte wereld wel. En dan het tweede aspect: wat is een normale lichaamstemperatuur? Er zijn mensen die leven met een lichaamstemperatuur hoog in de 35 graden, maar ook mensen die consequent een lichaamstemperatuur van bijna 38 graden hebben. Bij de een brandt de kachel nu eenmaal harder dan bij de ander. En een leuke bijkomstigheid, een niet onaanzienlijk deel van de oudere mensen ontwikkelt bij ziekte geen koorts, maar juist een te lage temperatuur. Te moeilijk voor David en Xander. En dan het derde punt; zijn de gebruikte ‘non-contact infraroodthermometers’ en ‘thermal-image scanners’ wel voldoende betrouwbaar? Wel, die betrouwbaarheid laat enigszins te wensen over. En dan nog het aspect dat de lichaamstemperatuur zoals die wordt gemeten aan het huidoppervlak, sterk afhankelijk is van de omgevingstemperatuur, iets dat iedere zorgmedewerker Xander en David had kunnen vertellen. Shit; nog voordat je goed en wel met je skibroek aan en je ijsmuts op je koffer van de band hebt gehaald, net terug van de wintersport, zit je al in het busje naar Haren. Busje komt zo. U naar Haren, David en Xander naar elders. Met hun gezicht tegen de ramen geplakt. En als we het dan toch over busjes hebben, er zijn ook busjes zonder het woord ‘air’ ervoor, en die vliegen niet, maar rijden Nederland binnen. Zomaar. Het moest niet mogen.

We gaan door. De ene zweepslag na de andere: paragraaf 1.1: “Deze aanpak, welke het kabinet bestempelde als de ‘intelligente lockdown’, heeft zijn vruchten afgeworpen: het aantal infecties is fors gereduceerd tot enkele honderden per dag.” Post hoc, ergo propter hoc. De maan schijnt door de bomen, en omdat de maan dat doet, gaat de zon weer op. En omdat de zon weer opgaat schijnt de maan de volgende dag weer door de bomen. En omdat ik ’s ochtends mijn bed uitkom, gaat de zon voor mij op. Hoewel, meestal is het andersom. Het een gebeurt na het ander, en daarom is het ander zonder twijfel het gevolg van het ene. Aldus Xander. Aldus David. Hand in hand, huppelend door Utopia Simplistica. De gouden munten schitterend in de in consultancyland immer schijnende warme zon.

Dan de titel van paragraaf 1.2. Ik heb er inmiddels een leunstoel met stevige leuningen bij gepakt. De titel is ‘Indammen is de name of the game’. Ik haal er twee zinnen uit: “China, Taiwan en Zuid-Korea laten zien dat via temperatuurmetingen, grootschalig testen, verplichte isolatie, real-time tracen van contacten en mondkapjes op drukke plekken het mogelijk is het virus te laten uitdoven.” Daarna: “Nieuw-Zeeland kan inmiddels bij alle besmettingen ‘patiënt 0’ weer vinden en heeft verklaard het virus te hebben geëlimineerd. Hetzelfde geldt voor Australië dat binnenkort het vliegverkeer met Nieuw-Zeeland weer hervat.”

That didn’t age well.

En dat nog wel ondanks het feit dat de bron wetenschappelijk degelijk en betrouwbaar was. Referentie 14: het RTL-nieuws. Ik hoor de leuningen van mijn stoel lichtjes kraken.

Paragraaf 1.2.2. “Data laten zien dat groepsimmuniteit geen optie is.” Dat is een ferme uitspraak, deze conclusie van David en Xander. Terwijl, ongeacht het verloop van een pandemie, en ongeacht vaccinatie of geen vaccinatie, groepsimmuniteit altijd de enige optie is. Hoewel? Optie is niet de goede term: groepsimmuniteit is het onvermijdelijke slotwoord van een pandemie, dat over langere tijd, soms enkele jaren, wordt uitgesproken.[32] Groepsimmuniteit is het logische eindpunt van iedere pandemie: de ouden van dagen en de zwakkeren overlijden en de rest bouwt immuniteit op. Zo simpel is het, al eeuwenlang, en heel erg lang voordat het begrip consultant uitgevonden was.

En wat te denken van dit: “Zweden, het land waar het meest openlijk gesproken wordt over een groepsimmuniteitstrategie, heeft inmiddels de nadelige gevolgen ervaren.” Maar de wedstrijd is niet afgelopen bij het éérste fluitsignaal, maar bij het láátste, beste Xander en David. En een pandemie duurt langer dan één seizoen, en om dat te weten hadden jullie zelfs het RTL-nieuws als wetenschappelijke bron niet hoeven te raadplegen, Wikipedia had jullie dat ook kunnen vertellen. De tussenstand in de rust zegt niets over de eindstand van de wedstrijd.

Verder oreren Ikkersheim en Koolmans dat de ‘groepsimmuniteitaanpak’ leidt tot veel slachtoffers onder de kwetsbare bevolking. Hebben deze twee consultancygoeroes nog nooit gehoord van influenza? En begrepen dat dit precies is wat influenza in meer of mindere mate elk jaar doet, afhankelijk van de virulentie van het virus en de beschikbare hoeveelheid dor hout, maar evenzogoed ook de huis-tuin-en-keuken coronavirussen?[33] En dat niet alleen coronavirussen en influenza geschikt zijn om het laatste zetje te geven aan mensen die al met anderhalf been in het graf staan?[34] Alleen in het Utopia Simplistica van Koolmans en Ikkersheim gebeurt dat niet, daar waar de zon altijd schijnt, de lucht altijd blauw is en de alleroudsten en allerkwetsbaarsten alleen van pure verveling doodgaan.

Ik moet me echt beperken tot de hoofdpunten, anders kom ik de rest van mijn leven niet meer toe aan het lezen van boeken en artikelen waar ik wel iets wijzer van wordt. Ook over het testen en het bron- en contactonderzoek (BCO) heb ik al meer dan genoeg gezegd in mijn vorige stukken; het is zinloos bij een virus als SARS-CoV-2. Te veel asymptomatische infecties en veel te massaal verspreid om nog grip op te krijgen. Een verspreiding die bovendien zo snel is dat het BCO per definitie te traag is. En dan ontbreekt ook nog een voor BCO geschikte test. De schildpad die een zwerm hommels probeert te vangen. Hadden de beleidsmakers het stuk van Jay Bhattacharya en Mikko Packalen nu maar gelezen, beide gewezen experts in de publieke gezondheidszorg.[35] Dat had ons ontzettend veel geld bespaard. En het is des te wranger nu de inflatie oploopt en blijkt dat de bestrijding van SARS-CoV-2 allesbehalve gratis is, net zomin als de mondkapjes en de testcenters, en er containers vol met geld over de Chinese muur werden gegooid. En er wederom veel gouden munten verdwenen in de zijden zakken van de consultants. De kakelende consultants.

Met de rest van het stuk ben ik snel klaar. Het gaat zonder uitzondering niet over wetenschappelijke feiten en analyses, maar enkel en alleen over modellering, de grootste vloek die SARS-CoV-2 met zich meebracht. Niet het virus was de grootste bedreiging voor het volk, maar de terreur van de modelleurs. Indeed, ‘pretty much getting to be a national scandal’. En Ikkersheim en Koolman werkten er enthousiast aan mee, aan dat enorme schandaal.

Bron- en contactonderzoek once more

In de samenvatting van het eerste stuk zie ik onder punt 3e nog het volgende: “Het totale Bron- en Contactonderzoek wordt in vier dagen na aanvragen van de test afgerond.” Even nadenken. In paragraaf 2.1.2. stellen Ikkersheim en Koolman zélf het volgende: “Op dag 0 vindt de besmetting plaats. Het blijkt dat iemand vanaf dag 2 reeds besmettelijk wordt en dan pas op dag 5 tot 6 gemiddeld genomen de eerste symptomen krijgt. In een snel scenario wordt er op het einde van dag 5 een afspraak gemaakt voor een test en op dag 6 wordt de test uitgevoerd. Op dit moment worden uitslagen nog binnen 48 uur gegeven, maar in ons model rekenen we met een snelle variant van 24-36 uur tot testuitslag conform de gewenste versnelling vanuit het RIVM”. Weer even denken.

Waar de heren deze wijsheid vandaan halen durf ik niet te zeggen. Of misschien toch wel. In dezelfde paragraaf staan twee referenties. Beiden verwijzen naar de website van de NOS. Ik weet niet of de leunstoel het gaat houden, want hij begint alweer vervaarlijk te kraken. Nog eens nadenken: op dag 2 na besmetting worden mensen zelf besmettelijk. Op dag 5 of 6 krijgen de mensen symptomen en worden een dag daarna getest, en daarna willen de heren binnen 24 tot 36 uur de uitslag geven. Ik reken even de kortst mogelijke periode tussen het begin van de besmettelijkheid en de uitslag van de test volgens het voorgestelde model van Ikkersheim en Koolman. Dat zijn 1, 2, 3, 4, nee, 5 dagen. Vijf dagen zijn mensen volgens Ikkersheim en Koolman besmettelijk, alvorens ze te horen krijgen dat ze ‘besmet’ zijn. Vijf dagen. Als ze al symptomen krijgen. En met die besmettelijkheid, hoe zat het daar ook al weer mee? Nog één keer goed nadenken. Ah, ik weet het al weer. De besmettelijkheid – viral load – is het hoogst kort voordat mensen ziek worden, ongeveer één a twee dagen, en neemt daarna snel af.

De schildpad op jacht naar de zwerm hommels. Arm beestje.

Ik donder nu met leunstoel en al om van het lachen.

Tot zover de hoofdpunten van het eerste advies. Ik ben er klaar mee, in meerdere opzichten. Al is er nog wel een puntje waarover ik het wel eens ben met onze twee economische dragonders. In de slotparagraaf 3.2 staat de volgende zin: “Zoals we ook in deze rapportage aangeven, is ook onze analyse verre van perfect, gegeven de vele onzekerheden.” Daar vinden we elkaar. Het stuk staat bol van de economische analyses, modellen en prognoses. Zelfs de Nederlandse bank bemoeit zich ermee. Fragiliteit. Zwarte zwanen, en het voorspellende vermogen van economen, die een crisis zelfs achteraf niet kunnen voorspellen. De beroemde uitspraak van Karl Marx krijgt opeens een hele ander lading: “The production of too many useful things, results in too many useless people.”

De tijd die mij in dit leven nog rest is kort, en zoals een wijze Belgische collega al eens tegen mij zei: “Het is niet zozeer dat ik minder tijd heb dan vroeger, maar mijn tijd wordt steeds kostbaarder.” En zo is het. Vanuit dat standpunt gezien is het lezen van de epistels van Koolman en Ikkersheim niet alleen zelfkastijding, maar ook verlies van kostbare tijd, die ik veel zinvoller had kunnen besteden. En hoewel het misschien anders overkomt, is daar geen greintje cynisme bij. Ik vraag me serieus af wie deze stukken leest, en ik vraag me nog sterker af wie ze serieus neemt. En daarom lijkt het mij toch goed dat er iemand is die deze analyse maakt en er kostbare tijd aan opoffert. Niet dat daarmee het fenomeen van de consultant zal verdwijnen, maar wellicht draagt het er ietsje aan bij.

Ik ga verder met de inhoud van het tweede stuk, ‘Hoe nu verder in 2021’. Ook dit stuk staat bol van de ‘scenario’s’ en modelleringen waar ik niets meer over hoef te zeggen. De enige woorden die ik er nog aan vuil wil maken, om maar in de terminologie te blijven, is dat het credo bij modellering is ‘garbage in, garbage out’. Dus ik zal me richten op de enorme hoeveelheid vuilnis die door Ikkersheim en Koolman Utopia Simplistica wordt binnengesleept. De eerste vuilniszak staat al op pagina 4.  Want daar staat bij ‘figuur A’ het volgende bijschrift: “75 procent steriliserende immuniteit, 95 procent effectieve bescherming tegen de ernstige gevolgen van het virus, reproductiewaarde Britse variant is 49 procent hoger dan de reproductiewaarde van de huidige variant.” Het gaat me om de ‘75% steriliserende immuniteit’.

Want waar is de onderbouwing van dit percentage? Koolman en Ikkersheim verwijzen in voetnoot 5 naar het OMT-advies no. 96, deel 1. Ik weet op voorhand dat ik in dit OMT-advies geen wetenschappelijke artikelen zal vinden waarin dit cijfer genoemd wordt, omdat er in de OMT-adviezen slechts bij hoge uitzondering verwezen wordt naar wetenschappelijke bronnen waaraan de leden van het OMT zeggen hun adviezen te ontlenen. Toch, tegen beter weten in, zoek ik het bewuste advies erbij, maar in dit stuk wordt met geen woord gerept over ‘steriliserende immuniteit’.

En dat kan ook helemaal niet. We schrijven 19 februari 2021: de registratietrial van Pfizer/BioNTech werd op 10 december 2020 op de website van de NEJM gepubliceerd,[36] de trial van Moderna op 31 december 2020.[37] Beide trials hadden als uitkomstmaat de effectiviteit van hun vaccins tegen symptomatische ziekte, en deden geen enkele uitspraak over de vraag of vaccinatie steriliserende immuniteit opwekt. Die vraag kon met deze studie-opzet ook helemaal niet beantwoord worden, zoals in de sectie ‘discussion’ van de trial van Moderna ook uitdrukkelijk wordt besproken. Het stuk van Ikkersheim en Koolman heeft als publicatiedatum 19 februari 2021, iets meer dan twee maanden na publicatie van de Pfizer/BioNTech trial. Er waren op dat moment geen data beschikbaar in hoeverre vaccinatie steriliserende immuniteit zou geven. Behalve in het pretentieuze kladje van Ikkersheim en Koolman. En dus trekken ze met een onbewogen gezicht de eerste vuilniszak open en smeren de inhoud uit in hun advies. Ze nemen een volstrekt willekeurig percentage steriliserende immuniteit, per definitie een getal met een betrouwbaarheidsinterval van 0 tot 100%, en slaan hier driftig mee aan het rekenen. Welkom in Utopia Idiotica.

En dat gaat het hele stuk zo door; de ene na de andere aanname wordt gedaan en ingevoerd in een model, waaruit vervolgens verschillende scenario’s rollen, van waaruit weer nieuwe aannames worden gedaan, die weer in andere theoretische modellen worden gestopt, en waarvan de uitkomsten uiteindelijk als basis worden gebruikt voor het formuleren van adviezen. Zonder uitzondering gaat het om virtuele uitkomsten, die uiteindelijk geen enkele relatie meer hebben met de werkelijkheid. Welkom in Utopia Fantastica. De twee spreken over ‘testbereidheid’, ‘incentives’, er wordt gerekend aan het virtuele getal rt, een getal zonder enige praktische waarde, omdat het uitgaat van een homogene verspreiding van het virus, iets waarvan in februari 2021 al ruimschoots bekend was dat dit de werkelijkheid geweld aandoet.[38] De verspreiding van SARS-CoV-2 verloopt sterk heterogeen, in lekentaal ‘superspreading events’ genoemd, waarbij slechts enkele mensen vele anderen besmetten. We weten dat superspeading een grote rol speelt bij de verspreiding van SARS-CoV-2, maar hoe groot die rol precies is valt zelfs niet betrouwbaar te schatten. Die heterogeniteit wordt weergegeven door het theoretisch wiskundig getal k, waarvan de schattingen sterk uiteenlopen, afhankelijk van de situatie waarin men dit probeerde te schatten. Het modelleren met behulp van het R-getal en het k-getal is dan ook bij voorbaat een kansloze exercitie, die de werkelijkheid achter de horizon doet verdwijnen. Het hindert Ikkersheim en Koolman niet. Zij trekken onverstoorbaar de volgende vuilniszak met modelleerafval open, en smijten het in hun rapport. Het moet gezegd, naar analogie van het woord informatiedichtheid, is de onzindichtheid in dit rapport ongekend groot.

Maar zo langzamerhand neemt de woede het over van de slappe lach. Op pagina 9, actiepunt 2 van de routekaart: “Overweeg ook een antistoffenpaspoort te ontwikkelen. Dit maakt beleid mogelijk dat meer vrijheden geeft aan mensen die al COVID-19 doorgemaakt hebben en immuniteit hebben opgebouwd.”

Mijn broek zou er van afzakken, ware het niet dat ik stevig op mijn stoel zit en mijn broek geen kant op kan.  Een antistoffenpaspoort: hoeveel onzin kan een redelijk weldenkend mens verdragen? Want een aanzienlijk deel van de mensen die geïnfecteerd raken met SARS-CoV-2 maakt helemaal geen antistoffen aan, zo wisten we ruim voor februari 2021, evenals dat we wisten dat in ernstige gevallen van COVID19 hogere concentraties van antilichamen worden gegenereerd dan in milde gevallen, en bij asymptomatische infecties waarschijnlijk nog minder of helemaal geen.[39] Maar dit zijn uitspraken op groepsniveau, die niet van toepassing zijn voor de individuele persoon. En het is niet de groep die een antistoffenpaspoort krijgt, maar het individu. Bovendien daalt de concentratie antilichamen snel, en dan ook nog voor ieder afzonderlijk individu in een verschillend tempo. En welk antigeen van het virus moet er gebruikt worden voor de test? Het spike-eiwit? Of toch maar het nucleocapside antigeen? Of toch maar beiden? En wat als een persoon deze week negatief test op het ene antigeen, en de volgende week positief op de andere? Krijgt hij dan een groen, geel of blauw vinkje in zijn antistoffenpaspoort? Zoals ik me blauw, groen en geel erger aan deze kwetterende en kwakende consultants. En welke van de vele beschikbare testen moeten we gebruiken, aangezien de goedkope ELISA’s die er voor worden gebruikt nogal verschillend presteren, om het heel voorzichtig te stellen? Welke eisen gaan we stellen aan de test? Welke test presteert voldoende voor het ongericht testen van een hele bevolking, en welke niet? En wie bepaalt dat? Het zijn slechts enkele van de argumenten die het voorstel voor een antilichamenpaspoort pijnlijk belachelijk en gevaarlijk dom maken. Wie heeft Koolman en Ikkersheim laten ontsnappen uit de buiten-academische opvang voor ongeschikte wetenschapskleuters? Wil die persoon ze onmiddellijk op komen halen uit Utopia Imbecilica, daar waar zotten en dwazen nog grotere zotten en dwazen van advies dienen?

En dan ben ik nog maar bij de samenvatting. Deze zelfkastijding is niet leuk meer. Hij is pijnlijk, zeer pijnlijk. ‘Waiting for the Night’ van Depeche Mode staat op: maar het is al diep in de nacht, een inktzwarte nacht. “I’m waiting for the night to fall, I know that it will save us all”. Ik ben er niet zo zeker van: wie heeft deze mensen losgelaten uit het Universitaire reservaat waar ze thuishoren, en waar mensen ze kunnen bezoeken om te zien hoe bewoners van Utopia Fantastica eruitzien? Om daarna met een gerust hart terug naar huis kunnen reizen, omdat ze hebben gezien dat het reservaat goed bewaakt wordt, en de kans op ontsnapping heel klein is?

Paragraaf 1.3.2: “De PCR-test is een nauwkeurige test (98 procent sensitiviteit en 100 procent specificiteit, afhankelijk van de gekozen gouden standaard).” Maar welke Gouden Standaard dan wel, Xander en David? Waar halen jullie die vandaan, als er geen Gouden Standaard is in het geval van het ongericht testen van een groot deel van de bevolking, waarvan het overgrote deel zonder ziekteverschijnselen? En dat zonder die Gouden Standaard de bepaling van een sensitiviteit en specificiteit per definitie onmogelijk is? Waar is de wetenschappelijke referentie? Wat zeg je, die zat niet in jullie wetenschappelijke grabbelton? Ik was er al bang voor. Wat een narigheid. Maar vooral: wat een geestelijke armoede. Het wordt me blauw voor de ogen, vierkant van vorm, met daarin Spoor 1 en Spoor 2. Maar jullie sporen geen van beide.

Ik heb het probleem van het bepalen van de testkenmerken in de algemene bevolking zonder goede Gouden Standaard uitgebreid uit de doeken gedaan in het essay ‘De Hogepriesters van het OMT’. Maar dat wordt niet gelezen in Utopia Infantilica, het vakantieoord voor overwerkte consultants.

Zonder enig cynisme: ik verdraag deze ‘literatuur’ niet. Ik word er misselijk van, ik krijg er maagpijn van, ik krijg er het zuur van, en raak aan de diarree. Wat een verspilling van tijd, geld en energie.

“I’m waiting for the night to fall, when everything is bearable.” Maar het is diep in de nacht, en deze pulp van Koolman en Ikkersheim is onverdraaglijk. Adviezen voor in het haardvuur, ik zou er bijna een haard voor kopen.

Paragraaf 2.2: “Met het toenemen van de vaccinatiegraad dooft de pandemie uit”. Moet ik er echt nog iets van zeggen? Iets over steriliserende immuniteit? Het percentage van 75% dat Koolman en Ikkersheim uit hun dikke consultancyduim zogen? Of verwijs ik gewoon naar de wereld buiten Utopia Simplistica. Zoals ook geldt voor de hele paragraaf 2.8, met de titel ‘Inzet van testcapaciteit voor mensen zonder symptomen kan op verschillende manieren”? We weten nu allemaal dat dit een illusie was, een diep gestoord maakbaarheidsdenken, maar wel een zeer geslaagd exportproduct van het totalitaire China, waar niet de werkelijkheid de referentie voor beleid is, maar de gewenste werkelijkheid. Het Utopia Totalitaristica van Xi Jin Ping, waarin alle informatie systematisch door de overheid wordt gecontroleerd, en pas het land mag verlaten als het in de gewenste werkelijkheid past. En nogmaals, we schrijven 19 februari 2021, ver voorbij het moment dat men al wist dat het een kostbaar en ondoordacht plan was, en gedoemd was uit te draaien op een enorme puinhoop.[40] En dat dus ook deed. Ondoordacht: 21 februari 2021, het moment dat de vuilniswagen wegrijdt bij het café ‘Nooitgedacht’, de stamkroeg van Ikkersheim en Koolman. Boordevol consultancytroep van dit illustere duo.

Ook met dit stuk ben ik nu wel klaar. Nee, ik ga het niet hebben over het vaccinatiepaspoort of het testpaspoort waar Ikkersheim en Koolman een lans voor breken. Het advies werd overgenomen door het demissionaire kabinet, niet in de laatste plaats omdat ook verschillende leden van het OMT het ‘theoretisch wel een goed idee vonden’. En omdat Hugo de Jonge kostte wat het kost het coronatoegangsbewijs erdoor wilde drukken, en hiervoor een heel ander en veel onheilspellender doel had dan het bevorderen van de volksgezondheid.[41] Ondanks dat zowel het RIVM als ook (zelfs!) het Imperial College er geen heil in zagen, en zélfs zij wezen op de morele en ethische bezwaren. Het maakte geen verschil, het CTB zou en moest er komen. Ongeacht welke wegen hiervoor bewandeld moesten worden, en ongeacht de wetten die hiervoor overtreden moesten worden.[42] Ik zei het al in mijn blog ‘Bespugen’: de man is niet alleen de grootste wandelende schandvlek van de politiek, hij is ook tot op het bot corrupt, en een despoot die nog maar nauwelijks in de dop past. En de Jonge is gevaarlijk, levensgevaarlijk. Met Ikkersheim en Koolman als zijn volgzame lakeien.

Het vaccinatie- en testpaspoort, het coronatoegangsbewijs, draaide uit op een fiasco van ongekende omvang, en het zal Ernst Kuipers nog veel hoofdbrekens bezorgen hoe de digitale gezondheidspas alsnog als zijnde nuttig en effectief aan het gepeupel te verkopen. Maar D66 is kind aan huis bij de consultants, waar hen immer een warm onthaal wacht door hun voormalige partij-kameradski.[43] En dus zal het niet al te veel moeite kosten om op een onbewaakt moment, en met behulp van een grote zak gouden dukaten een andere consultant alsnog het gewenste rapport te laten schrijven. Met de hartelijke vakantiegroetjes uit Utopia Fantastica. De consultant zelf draagt zorg voor het regelen van een grabbelton, met daarin de gewenste wetenschappelijke onderbouwing. Ook regelt de consultant zélf de benodigde vuilniszakken, en reserveert de vuilniswagen die het afval naar Den Haag moet brengen.

En dan, onverwacht, breekt alsnog de zon door, en valt er toch nog wat te lachen. Paragraaf 3.8: “Tot slot, deze analyse is met de grootste zorgvuldigheid uitgevoerd door KPMG Health, ondersteund door de Vrije Universiteit, in opdracht van VNO-NCW.”

Grabbelton. Vuilniswagen. Utopia Hilarica. De lijm onder de stoelpoten begeeft het alsnog, de leuningen van de leunstoel breken af, en ik glij bulderend van het lachen onder mijn bureau. Ik moet (alwéér) een nieuwe stoel kopen.

Achterkant muze

In het derde advies laat David Ikkersheim zich vergezellen door een muze: Laura Dignum, Senior Consultant bij KPMG Health. Ik heb haar niet gegoogled, maar ik denk niet zij het is die in een doorschijnende broek en wit hemdje, beschenen door de warme zon, voldaan naar de lucht kijkt.

De twee willen lessen leren uit de coronacrisis. Het is 21 oktober 2021. Maar Ikkersheim en zijn muze zijn bijzonder hardleers en zijn helemaal niet in staat tot enige zelfreflectie, laat staan dat ze in staat zijn tot leren. In de verte beginnen de contouren van de falende modelleringen, de enorme fiasco’s en de flagrante mislukkingen die de aanpak van de coronacrisis kenmerken, zich al af te tekenen. Maar Ikkersheim en Dignum drammen gewoon door over de virtuele zegeningen van hun adviezen, die het in Utopia Simplistica en het nabijgelegen Utopia Fantastica uitstekend zouden doen.

Ik haal er een paar punten uit, dan is het ook wel mooi geweest.

Over ziekenhuiscapaciteit, punt a: “Het duurzaam verhogen van ziekenhuiscapaciteit is weinig zinvol, gelet op de exponentële groei van virussen.”

Virussen groeien niet, beste David en Laura. Ze verspreiden zich, en ze vermeerderen zich, maar groeien doen ze niet. En de fase van exponentiële toename van het aantal besmettingen – zo heet dat, beste David en Laura – duurt slechts kort, zoals Michael Levitt al in Juni 2020 uitlegde, en met data onderbouwde.[44] Het gaat om een lineair afnemende exponentiële functie, ook wel de Gompertz curve genoemd. De verklaring hiervoor is simpel: met het verder om zich heen grijpen van infecties en een toenemende immuniteit, wordt het voor een virus steeds moeilijker om zich ongehinderd te verspreiden.

Onder punt b: “Het is raadzaam een permanente infrastructuur te ontwerpen voor het optimaliseren van ziekenhuiscapaciteit in crisistijd.”

Het verder ‘optimaliseren’, in consultancytermen; in normale mensentaal ‘uitknijpen’. Bij een enorm tekort aan gekwalificeerde verpleegkundigen,[45] overvolle SEH’s in elk stevig griepseizoen,[46] en een huisartsenzorg die dreigt te kapseizen.[47] Doktersassistenten en praktijkondersteuners zijn nauwelijks te vinden, en de huisarts neemt ook nog een groot deel van de 1e lijns psychiatrie voor haar rekening, want de wachtlijsten in de GGZ zijn onverantwoord lang. Veroorzaakt door wanbeleid, commercialisatie en snoeiharde bezuinigingen.[48] [49] [50] En door de adviezen van consultancybureaus zoals de KPMG. Want chaos en ellende, zoals in de jeugdzorg, zijn voor de adviesbureaus een goudmijn.[51] En God betere het, ook bij aandragen van oplossingen voor het tekort aan verpleegkundigen zijn twee consultancybureaus betrokken. Er viel blijkbaar meer te graaien dan één adviesbureau in haar overvolle zakken kwijtkon.

En dan hebben Ikkersheim en Dignum het over ‘verder optimaliseren’. Ikkersheim en Dignum als collega’s van de hierboven genoemde zorgparasieten. Een niet onder controle te brengen plaag van consultants die de zorg infesteert. Beste dame en heer, er valt helemaal niets meer te optimaliseren, en er valt helemaal niets meer uit te knijpen. De sinaasappel ís al volledig uitgeknepen, inclusief de schil. En zoals Nassim Joachim Taleb in hoofdstuk 18 van het boek Antifragile uitlegt onder het kopje ‘Traffic in New York’, dat het steeds verder opvoeren van de efficiëntie maakt dat het systeem bij steeds kleinere afwijkingen van het gemiddelde aanbod, overspoeld dreigt te raken en in chaos te eindigen. Later in het boek noemt hij dat ’the acceleration of harm’. Het nastreven van 100% efficiëntie in de zorg is hiervan het voorbeeld pur sang. De winst die men er mee behaalt is minimaal, omdat er niet veel meer te winnen valt, maar de schade in het geval van een onverwachte gebeurtenis is immens. [52]

Onder punt c: “Verder is het zinvol de wet- en regelgeving aan te passen om het mogelijk te maken om (tijdelijk) ook bekwame, maar onbevoegde verpleegkundigen/zorgprofessionals te laten werken op bijvoorbeeld IC’s, zodat bij vereiste opschalingen meer mogelijk is.”

Ik kan er niet meer tegen, tegen zoveel ignorance and stupidity. Waar moeten deze bekwame, maar onbevoegde verpleegkundigen dan wel vandaan komen? Van de verpleegafdelingen? Van de Vercouvers? Van de SEH’s? Waar het altijd rustig is, er nauwelijks patiënten komen, en de verpleegkundigen de hele dag duimen zitten te draaien? Kunnen Ikkersheim en Dignum wellicht een weekje meelopen op die afdelingen, aangezien zij denken iets zinnigs te kunnen zeggen over hoe het er in een ziekenhuis aan toegaat?

En natuurlijk hebben ook Ikkersheim en Dignum een mening over het ziektebeeld ‘Long-COVID’, een ziektebeeld dat op geen enkele manier te onderscheiden is van bijvoorbeeld een chronische Lyme, de ziekte van Pfeiffer of welk ander postinfectieus beeld dan ook. En ook na influenza kunnen mensen heel lang klachten houden, iets dat al in de tijd van de Spaanse Griep bekend was.[53] Over die andere postinfectieuze beelden heb ik Ikkersheim en Dignum nog nooit gehoord, en ik vraag me af of ze van het bestaan ervan weten. Verder heeft het duo glansrijk gemist dat de klachten van mensen die de infectie doorgemaakt hebben, nagenoeg gelijk zijn aan de klachten van mensen die de infectie niet doorgemaakt hebben, zoals ik al vele malen uitgelegd heb.[54] En ook hebben deze twee meelmonden blijkbaar gemist dat de prognose op de langere termijn goed is, zoals ook voor het overgrote deel van postinfectieuze klachten ten gevolge van andere infecties het geval is.[55] Die kennis zat blijkbaar ook niet in hun wetenschappelijke grabbelton. En toch menen deze twee kwekkende consultants ook hier iets zinnigs over te kunnen zeggen, zonder ook maar een patiënt met deze klachten te hebben gezien. Ik vraag me überhaupt af of ze wel eens een ziekenhuis in vol bedrijf hebben gezien. Ikkersheim en Dignum kunnen het allemaal, kennis is niet vereist, alleen een goed ontwikkelde pseudologica fantastica.

De les die uit dit alles geleerd moet worden, is dat mensen als Ikkersheim en Dignum op hele grote afstand van de zorg gehouden moeten worden, aangezien ze daar alleen maar in de weg lopen. Laat ze in Godsnaam opdonderen naar Utopia Fantastica, waar deze louter bullshit producerende non-valeurs gebruik kunnen maken van de door hen geoptimaliseerde zorg.

Onder het kopje ‘R&D’:

“Leve de wetenschap! De snelheid en effectiviteit waarmee de vaccins zijn ontwikkeld zijn ongekend. De nieuwe mRNA-technologie is veelbelovend, ook voor andere toepassingsgebieden, en kan mogelijk op lange termijn de wereldbevolking van nog veel meer ziektelast bevrijden.”

De snelheid en effectiviteit van de vaccins: met een oversterfte in het najaar en begin van de winter van 2021 die niet te onderscheiden was van de vorige golven van COVID19, maar nu met een vaccinatiegraad van 85%, en in de risicogroepen een nog hoger percentage. Wekelijks worden nieuwe en vaak ernstige bijwerkingen gemeld. Volgens de auteurs zonder uitzondering zeldzaam, anders krijgen ze het artikel waarschijnlijk niet gepubliceerd, maar hoe zeldzaam de bewuste bijwerking is weet niemand. En over de veiligheid op de langere tijd weten we nog helemaal niets. Leve BigPharma! Leve Ikkersheim, Koolman en Dignum. We zijn inmiddels bij de vierde prik aangeland, de tweede booster. Ja, nu nog met een redelijk effect tegen ernstige ziekte en overlijden, maar het effect op het beperken van de overdracht van SARS-CoV-2 is nagenoeg nihil, zodat Omikron ongekend snel circuleert. Inmiddels ken ik meer dan tien mensen die binnen enkele maanden twee tot drie keer COVID19 doormaakten, ondanks vaccinatie én booster, niet zelden gepaard gaande met matig tot ernstige ziekteverschijnselen. Het is de ideale voedingsbodem voor de snelle ontwikkeling meer resistente stammen. En dan is de winter nog niet eens in zicht. Lang leve de wetenschap! Heil BigPharma!

Het kopje ‘Scenariodenken en helder communiceren’. Ik ga er verder geen woorden aan vuilmaken: de enig juiste titel was geweest: waardeloze voorspellingen en goede propaganda.

Onder het kopje OMT: “Kijkend naar de resultaten van de pandemiebestrijding en de gegeven adviezen, lijken met name de Deense, Finse en Noorse regering optimale adviezen gekregen te hebben.”

Waarom wordt Zweden niet genoemd? Want hoewel de race wellicht nog niet gelopen is, ligt Zweden ver voor op de concurrentie.[56]

Zucht. Is het nog ver, Grote Smurf?

Onder het kopje ‘Gezondheidszorg: health in all policies’. Onder punt d. “De GGD’en kunnen een sleutelrol vervullen bij het ontwikkelen van een preventie-ecosysteem door als netwerkpartij te fungeren.” Hoe krijg je het opgeschreven, zelfs het toetsenbord zou toch moeten protesteren. ‘Het preventie-ecosysteem’. ‘De sleutelrol van de GGD’. Twee hartinfarcten, drie omleidingen en vier maagverkleiningen verder heeft de GGD eindelijk tijd voor u, om samen met u aan uw ‘preventie-ecosysteem’ te werken. Totdat u er dood bij neervalt, en gezien de wachttijd bij de GGD duurt dat waarschijnlijk niet al te lang.

Het is mooi geweest. Het quotum aan onzin dat mijn hersenen kunnen verdragen is meer dan vol, vele alinea’s geleden. Ik scrol het hutseflutsje van Ikkersheim en Dignum verder door, maar kan het niet meer opbrengen om het te lezen. De muze komt nog eenmaal voorbij, nu heeft ze grijs hemdje aan, van achteren gezien, met de handen zijwaarts naar de hemel geheven. Van pure wanhoop, zou ik denken, maar zo ziet de scéne er niet uit. De zon schijnt in het park van Utopia Fantastica, en er is in de verste verte geen vuilniszak te bekennen. Lessen worden geleerd door Ikkersheim en Dignum, maar alleen in Utopia Simplistica. Niet in de echte wereld.

Vele lachsalvo’s later, afgewisseld met hevige donderbuien, drie onzachte landingen op mijn eikenhoutenvloer en een kapotte leunstoel later, moet ik mijn nederlaag erkennen. Ik heb het niet gered. Ik heb het niet vol kunnen houden om door te lezen tot de laatste pagina van de drie adviezen van Ikkersheim, Koolman en hun muze Dignum.

Ik heb de gifbeker niet helemaal leeg kunnen drinken, en de zelfkastijding niet tot het eind vol kunnen houden. Omdat ik dit waarschijnlijk al vermoedde, heeft het dan ook maanden geduurd voordat ik me ertoe kon zetten deze blog te schrijven, terwijl ik vond dat hij geschreven moest worden. En toch durf ik het aan om een stevige conclusie te trekken, mijns inziens meer dan voldoende onderbouwd.

Als er een periode is geweest waarin duidelijk is geworden hoe waar de stelling van Thomas Sowell is, is het deze tijd. Ze is vereeuwigd in de drie adviezen van Ikkersheim, Koolman en Digman: “It is hard to imagine a more stupid or more dangerous way of making decisions than by putting those decisions in the hands of people who pay no price for being wrong.”

We zijn terug bij David Graeber en zijn definitie van bullshit jobs. Datgene dat mensen als Ikkersheim en Koolmans tot kunst hebben verheven. Vuilniswagens, afgeladen vol met gouden dukaten, die het gebouw van de KPMG binnenrijden, nadat ze de vuilniszakken gevuld met consultancyvullis, geschreven door en met de hartelijke groeten van Ikkersheim en Koolman, naar Den Haag gereden hebben. Want dát is wat zij bijdragen aan de Nederlandse maatschappij, een enorme vuilnisbelt aan intellectuele gemakzucht en academische luiheid. Waarmee zij een niet te onderschatten gevaar vormen voor de complexe en hyperfragiele westerse maatschappij.

Laten we Ikkersheim en Koolman terugsturen naar het universitaire reservaat en ze goed bewaken, zodat ze niet nog een keer kunnen ontsnappen. Laat hen leven in hun Utopia Simplistica, laat hen dromen in hun Utopia Fantastica en laat hen spelen in hun zandbak, genaamd Utopia Infantilica, vol met plastic modelletjes van speelgoeddukaten, vuilniswagens en grabbeltonnen. We hoeven ze niet weg te houden van de realiteit, ze zouden niet weten hoe die eruitziet. Ik stel voor om de dure kantoren van de KPMG tot op het fundament af te breken, en de enorme hoeveelheid gouden dukaten te besteden aan nuttige zaken in plaats van het bekostigen van het leven als God in Utopia Simplistica van mensen als Koolman en Ikkersheim.

Daarvoor is het namelijk de hoogste tijd. Echt de allerhoogste tijd. Want net zoals het Romeinse Rijk ten onderging aan corruptie, vriendjespolitiek en zelfverrijking, staat ook onze maatschappij op het punt ten onder te gaan aan dezelfde maatschappelijke pathologie. En daar gaat geen GGD iets aan veranderen.

Maar misschien zouden we toch nog eens aan een consultant moeten vragen om hiervoor een oplossing te verzinnen. Zodat we de palliatieve fase waarin we ons bevinden nog enigszins kunnen bespoedigen.

 

[1] STRIKE! Magazine – On the Phenomenon of Bullshit Jobs. Accessed December 17, 2021. https://www.strike.coop/bullshit-jobs/
[2] Uit Wob-documenten blijkt dat het Rijk massale controle uitvoert op media en burgers, Substack Daniël van der Tuin, 11 maart 2022.
[3] Wob-documenten: Rijk en techbedrijven werken op grote schaal samen aan mind-control. Substack Daniël van der Tuin, 3 april 2022.
[4] Hoe defensie de eigen bevolking in de gaten houdt. NRC, 15 november 2020
[5] Wob-documenten: Rijk en techbedrijven werken op grote schaal samen aan mind-control.
[6] Ziekenhuisaccreditaties in Nederland. Baken van kwaliteit of bureaucratisch circus? Ned Tijdschr Geneeskd. 2019;163:C4400
[7] Die Krankheidserfinder. Wie wir zu Patienten gemacht werden. Jörg Blech, 2003.
[8] Het pillenprobleem. Waarom we zoveel medicijnen gebruiken die niet werken en niet helpen. Dick Bijl, 1e druk, november 2020.
[9] Dure schandalen bij KPMG: een overzicht. Follow the Money, 17 januari 2014.
[10] De tweede golf dat zijn wij: Een pleidooi om COVID-19 in Nederland in te dammen. David Ikkersheim & Xander Koolman. Vrije Universiteit/ KPMG, juni 2020.
[11] Hoe verder in 2021? David Ikkersheim & Xander Koolman. Vrije Universiteit/ KPMG, 21 februari 2021.
[12] Dit zijn de lessen van 1,5 jaar coronacrisis. Om zo de pandemic preparedness van Nederland te vergroten
[13] Kretzschmar ME, Rozhnova G, Bootsma M, Boven M van, Wijgert J van de, Bonten M. Time is of the essence: impact of delays on effectiveness of contact tracing for COVID-19, a modelling study. medRxiv. Published online June 29, 2020:2020.05.09.20096289. doi:10.1101/2020.05.09.20096289
[14] Zhang Y, Li Y, Wang L, Li M, Zhou X. Evaluating Transmission Heterogeneity and Super-Spreading Event of COVID-19 in a Metropolis of China. Int J Environ Res Public Health. 2020;17(10):3705. Published 2020 May 24.
[15] Chu DK, Akl EA, Duda S, et al. Physical distancing, face masks, and eye protection to prevent person-to-person transmission of SARS-CoV-2 and COVID-19: a systematic review and meta-analysis. The Lancet. 2020;395(10242):1973-1987.
[16] Jefferson T, Del Mar CB, Dooley L, Ferroni E, Al-Ansary LA, Bawazeer GA, van Driel ML, Jones MA, Thorning S, Beller EM, Clark J, Hoffmann TC, Glasziou PP, Conly JM. Physical interventions to interrupt or reduce the spread of respiratory viruses. Cochrane Database of Systematic Reviews 2020, Issue 11. Art. No.: CD006207.
[17] Handel A, Longini IM Jr, Antia R. What is the best control strategy for multiple infectious disease outbreaks?. Proc Biol Sci. 2007;274(1611):833-837. doi:10.1098/rspb.2006.0015
[18] He, X., Lau, E.H.Y., Wu, P. et al. Temporal dynamics in viral shedding and transmissibility of COVID-19. Nat Med 26, 672–675 (2020). https://doi.org/10.1038/s41591-020-0869-5
[19] Covid-19: Forecasting and Modelling. Volume 707: debated on Tuesday 18 January 2022 in the UK Parliament. https://hansard.parliament.uk/commons/2022-01-18/debates/AB251DCA-8088-485C-BF49-3999C4EE9AC5/Covid-19ForecastingAndModelling
[20] Face masks: what the data say, 06 October 2020. Nature 586, 186-189 (2020)
[21] Haug, N., Geyrhofer, L., Londei, A. et al. Ranking the effectiveness of worldwide COVID-19 government interventions. Nat Hum Behav 4, 1303–1312 (2020).
[22] Oliu-Barton M, Pradelski BSR, Aghion P, et al. SARS-CoV-2 elimination, not mitigation, creates best outcomes for health, the economy, and civil liberties. The Lancet. 2021;397(10291):2234-2236.
[23] A clumsy lockdown of Shanghai is testing the “zero-covid” strategy. The Economist, April 9th 2022.
[24] Claeson M, Hanson S. The Swedish COVID-19 strategy revisited. The Lancet. 2021;397(10285):1619. doi:10.1016/S0140-6736(21)00885-0
[25] How Fauci and Collins Shut Down Covid Debate. Wall Street Journal, December 21 2021.
[26] Why I spoke out against lockdowns. Martin Kulldorff. Brownstone Institute, June 20, 2021
[27] What were Lockdowners Thinking? A Review of Jeremy Farrar.
[28] Sweden’s succes shows the true costs of our arrogant, failed establishment. Comment. The Telegraph, 12 August 2020.
[29] Herby, Jonas & Jonung, Lars & Hanke, Steve, 2022. “A Literature Review and Meta-Analysis of the Effects of Lockdowns on COVID-19 Mortality,” Studies in Applied Economics 200, The Johns Hopkins Institute for Applied Economics, Global Health, and the Study of Business Enterprise.
[30] China’s ‘Zero-Covid’ Mess Proves Autocracy Hurts Everyone. The New York Times, 14 April 2022.
[31] Lippi G, Nocini R, Mattiuzzi C, Henry BM. Is body temperature mass screening a reliable and safe option for preventing COVID-19 spread? Diagnosis. Published online September 2, 2021.
[32] The end of the pandemic will not be televised. BMJ 2021;375:e068094
[33] Patrick DM, Petric M, Skowronski DM, et al. An Outbreak of Human Coronavirus OC43 Infection and Serological Cross-reactivity with SARS Coronavirus. Can J Infect Dis Med Microbiol. 2006;17(6):330-336. doi:10.1155/2006/152612
[34] Vabret A, Mourez T, Gouarin S, Petitjean J, Freymuth F. An outbreak of coronavirus OC43 respiratory infection in Normandy, France. Clin Infect Dis. 2003;36(8):985-989. doi:10.1086/374222
[35] On the Futility of Contact Tracing. Jay Bhattacharya & Mikko Packalen. Critical Essay. Inference, 3 september 2020. Volume 5: Issue 3.
[36] Polack FP, Thomas SJ, Kitchin N, et al. Safety and Efficacy of the BNT162b2 mRNA Covid-19 Vaccine. New England Journal of Medicine. 2020;383(27):2603-2615.
[37] Baden LR, el Sahly HM, Essink B, et al. Efficacy and Safety of the mRNA-1273 SARS-CoV-2 Vaccine. New England Journal of Medicine. 2021;384(5):403-416.
[38] Wang J, Chen X, Guo Z, et al. Superspreading and heterogeneity in transmission of SARS, MERS, and COVID-19: A systematic review. Computational and Structural Biotechnology Journal. 2021;19:5039-5046.
[39] Are we underestimating seroprevalence of SARS-CoV-2? BMJ 2020;370:m3364
[40] Mass testing for covid-19 in the UK. BMJ 2020;371:m4436
[41] Wob-documenten: Coronapaspoort was politieke wens van Europese Unie en minister De Jonge. Daniël van der Tuin, 12 april 2022. https://danielvdtuin.substack.com/p/wob-documenten-coronapaspoort?s=r
[42] Hugo de Jonge, Sywert en de mondkapjesdeal: in het buitenland zou dit corruptie heten.
[43] Route D66: hoe politiek, overheid en ICT-Consulent elkaar de bal toespelen.
[44] Levitt M, Scaiewicz A, Zonta F. Predicting the Trajectory of Any COVID19 Epidemic From the Best Straight Line. Preprint. medRxiv. 2020;2020.06.26.20140814. Published 2020 Jun 30. doi:10.1101/2020.06.26.20140814
[45] Ruim 15.000 verpleegkundigen te weinig in 2022. Nursing, 11 november 2022
[46] SEH-artsen: Ziekenhuizen niet voorbereid op griepgolf. Nieuws. Medisch Contact, 8 februari 2018.
[47] Overbelaste huisartsenzorg dreigt in negatieve spiraal te belanden.
[48] Omzetplafond verzekeraars brengen ggz-behandelaars aan de rand van de afgrond. Follow the Money, 7 september 2020
[49] GGZ-instelling scheert langs afgrond, oprichter vertrekt als miljonair. Follow the Money, 21 januari 2020.
[50] De jacht op de verdwenen miljoenen van Dokter Bosman.
[51] Chaos in de jeugdzorg is een goudmijn voor adviesbureaus. Follow the Money 2022.
[52] Antifragile. Nassim Joachim Taleb. Random House USA Inc, 2014.
[53] Honigsbaum M, Krishnan L. Taking pandemic sequelae seriously: from the Russian influenza to COVID-19 long-haulers. The Lancet. 2020;396(10260):1389-1391. doi:10.1016/S0140-6736(20)32134-6
[54] Stephenson T, Pinto Pereira SM, Shafran R, et al. Physical and mental health 3 months after SARS-CoV-2 infection (long COVID) among adolescents in England (CLoCk): a national matched cohort study. The Lancet Child & Adolescent Health. 2022;6(4):230-239.
[55] Radtke T, Ulyte A, Puhan MA, Kriemler S. Long-term Symptoms After SARS-CoV-2 Infection in Children and Adolescents. JAMA. 2021;326(9):869-871. doi:10.1001/JAMA.2021.11880
[56] Sweden’s no-lockdown COVID strategy was broadly correct, commission suggests. CBC news, 25 Februari 2022.

 

Inzoomen
Kleur & Contrast