Blaffende wasbeerhonden bijten nog steeds.

De wasbeerhond

In de vroege ochtend van zaterdag 17 maart, om 8:15, slingert Marion Koopmans een tweet de wereld in met de tekst ‘Stay tuned’. In die tweet verwijst ze naar een artikel in ‘The Atlantic’ met als titel ‘The Strongest Evidence Yet That an Animal Started the Pandemic’.[1] Later die ochtend, om 12:00, pakt de Volkskrant groot uit met een artikel van twee journalisten van de Volkskrant, Maarten Keulemans en Leen Vervaeke, met als titel: ‘Genetisch bewijs: wasbeerhond gaf mensheid coronavirus’, waarin hetzelfde artikel uit The Atlantic wordt aangehaald en besproken.[2] De samenvatting direct onder de kop van het artikel laat weten dat er nu ‘hard genetisch bewijs’ geleverd is, dat laat zien dat het coronavirus een relatie heeft met de wasbeerhond. Want, zo schrijven Keulemans en Vervaeke, monsters die Chinese onderzoekers kort na de uitbraak namen op de markt van zouden ‘tjokvol’ zitten met genetisch materiaal van de wasbeerhond. En dus moest het wel zo zijn dat de wasbeerhand de intermediaire gastheer was, die tot nu toe ontbrak in de zoektocht naar de oorsprong van SARS-CoV-2. Het nieuws verspreidt zich snel, en kort nadat het artikel in de Volkskrant verschijnt, volgen andere media zoals het Parool,[3] het AD[4] en de NOS[5] met een verhaal van dezelfde strekking: het harde bewijs voor de zoönosetheorie was geleverd. De wasbeerhond is de boosdoener die de wereld SARS-CoV-2 had bezorgd.

Lees verder “Blaffende wasbeerhonden bijten nog steeds.”

Klok

 

‘Der Tod ist schon längst da, er sucht sich nur noch einen Parkplatz.’

Het is half negen als hij op wil staan. Maar het lukt hem niet om rechtop te gaan zitten. Vlammende pijn in zijn rechterlies, en hij valt terug op het bed. Nog een keer proberen rechtop te komen, maar ook bij de tweede poging lukt het niet. Opnieuw hevige pijn, alsof iemand een mes in zijn lies zet en het daarna ronddraait. Hij valt terug in het kussen, zweetdruppels van de pijn parelen op zijn voorhoofd. Oude bruine balken boven zijn hoofd, met witte panelen er tussenin. Grauw licht dat door de vale gordijnen de kamer binnenvalt. Een ongewenste indringer, die aankondigt dat er een nieuwe dag in aantocht is. Weer een nieuwe dag. Genoeg dagen gezien, genoeg dagen achter zich gelaten. En dus draait hij de dag de rug toe, voorzichtig, om nieuwe oplaaiende vlammen van pijn te vermijden, en doet zijn ogen weer dicht. Probeert te slapen, maar dat lukt niet meer. Het huis kraakt en zucht vermoeid door de harde wind die om het huis buldert, en ieder gaatje en kiertje gebruikt om het huis binnen te komen.

Lees verder “Klok”